IT-forensisch onderzoek · Rechtbanken
Wanneer kan een nieuw IT-forensisch onderzoek op grond van § 412 ZPO zinvol zijn?
Ein neues Gutachten ist kein automatischer zweiter Versuch, ein gewünschtes Ergebnis zu erhalten. § 412 ZPO erlaubt dem Gericht eine neue Begutachtung, wenn es das vorhandene Gutachten für ungenügend erachtet. Technisch kann dies etwa relevant werden, wenn Datenbasis, Methodik oder Herleitung wesentlicher Schlussfolgerungen nicht nachvollziehbar sind.
Wat moet de deskundige nu eigenlijk vaststellen?
Het gaat niet om het aantal gevonden artefacten. Bepalend is of de relevante digitale sporen het in de bewijskwestie genoemde feit ondersteunen, ermee in tegenspraak zijn of geen betrouwbare conclusie toelaten. Daartoe worden de bevindingen in hun technische context bekeken en worden tegenhypothesen uitdrukkelijk meegenomen in de beoordeling.
Waar de grens van de uitspraak ligt
Ob ein Gutachten im Sinne des § 412 ZPO ungenügend ist, entscheidet das Gericht. Wir können im neuen Auftrag technische Fragen unabhängig erneut untersuchen, aber nicht die gerichtliche Entscheidung über die Erforderlichkeit vorwegnehmen.
Hoe LanCologne de bewijsvraag behandelt
Bij gerechtelijke opdrachten begint ons werk met de bewijskwestie, niet met een analyseprogramma. We bepalen welk technisch feit moet worden opgehelderd, welke gegevensbronnen hiervoor relevant zijn en welke alternatieve verklaringen moeten worden onderzocht.
De gegevensbasis wordt duidelijk gedocumenteerd en, voor zover technisch mogelijk, onderzocht aan de hand van geverifieerde forensische back-ups of werkkopieën. Geautomatiseerde treffers worden bij beslissingsrelevante kwesties niet zonder controle overgenomen. De herkomst, de ontstaanslogica en de context van een artefact zijn doorslaggevend. Indien nodig wordt een bevinding gecontroleerd aan de hand van de ruwe gegevens of met behulp van een onafhankelijke, tweede, vaktechnisch geschikte methode.
In het rapport maken we een onderscheid tussen de vastgestelde feiten, de technische beoordeling en de conclusie. Ook geven we duidelijk aan wat de grenzen van onze uitspraken zijn: wat is bewezen, wat wordt slechts ondersteund, wat blijft onduidelijk en wat kan op basis van de beschikbare gegevens niet worden vastgesteld?
Het hoofdgedeelte is zo opgesteld dat het begrijpelijk is voor rechters en andere niet-forensische deskundigen. De technische toetsbaarheid blijft gewaarborgd door een apart technisch gedeelte. Daarin worden de voor een onafhankelijke controle essentiële gegevensbronnen, integriteitswaarden, artefacten en onderzoeksstappen gedocumenteerd.
Onze werkwijze
Methodologische indeling
Voor forensisch IT-onderzoek in het kader van gerechtelijke procedures bestaat er geen wettelijk vastgelegde lijst van voorgeschreven softwareproducten. De BSI-basisbeveiligingsmodule DER.2.2 bevat nuttige basisprincipes voor preventie, het veiligstellen van bewijsmateriaal en het op de doelgroep afgestemde presenteren van resultaten bij IT-beveiligingsincidenten. Er wordt echter uitdrukkelijk verduidelijkt dat de eigenlijke forensische analyse niet onder dit onderdeel valt en dat het geen betrekking heeft op IT-forensisch onderzoek bij strafbare feiten. Wij beschouwen het daarom niet als een norm in het strafprocesrecht.
Wettelijk kader
ZPO § 412; ergänzend §§ 404a, 407a und 411.
De uiteindelijke beoordeling van het bewijsmateriaal blijft een taak van de rechtbank. Onze rol als deskundige beperkt zich tot het geven van een vakkundig antwoord op de technische bewijskwestie binnen het kader van de verstrekte opdracht.
Veelgestelde vragen
LanCologne – IT-forensisch onderzoek voor rechtbanken
Heeft u voor een specifieke bewijskwestie in een rechtszaak behoefte aan een onafhankelijk IT-forensisch onderzoek? LanCologne onderzoekt de aanwezige digitale sporen zonder vooringenomenheid en documenteert op begrijpelijke wijze de belangrijkste bevindingen, tegenbevindingen en technische beperkingen.
In het kader van dit thema
- Kan worden aangetoond of digitaal bewijsmateriaal na de inbeslagname is gewijzigd?
- Kan worden vastgesteld of er gebruik is gemaakt van administratieve rechten of uitgebreide rechten?
- Hoe moet digitaal bewijsmateriaal worden beoordeeld dat al vóór de forensische back-up verder is gebruikt?
- Kan de volgorde van meerdere digitale handelingen op betrouwbare wijze worden gereconstrueerd?